-->
> Home  
 

Reglement

Begripsbepalingen

Bestuur  
het Algemeen Bestuur (AB), zoals vermeld in de Statuten van de KNSA, onder artikel 13



Directie
de Directie wordt gevormd door de directeur, zoals genoemd in artikel 37 van de Statuten van de KNSA



Certificeringeisen
de eisen voor basiscertificering zoals genoemd in het Programma KNSA-basiscertificering



Auditor
een door het Algemeen Bestuur benoemde functionaris die verantwoordelijkis voor de toetsing bij KNSA-schietsportverenigingen van de eisen conform het Programma KNSA-basiscertificering. De auditor rapporteert  omtrent zijn bevindingen aan het bestuur en de directie


 

Artikel 1 Algemeen

1.1
 
 
De leden, genoemd in artikel 9, sub a van de KNSA-statuten, kunnen een verzoek indienen voor basiscertificering.




1.2


Niet-leden van de KNSA (dus niet bij de KNSA aangesloten verenigingen) kunnen een verzoek indienen voor basiscertificering; dat verzoek dient schriftelijk door het bestuur van de desbetreffende vereniging te worden ingediend, waarin het zich conformeert aan het Programma, het Reglement en de procedures voor de KNSA-basiscertificering. Voor niet-KNSA-leden is voor de verkrijging van het certificaat KNSA-basiscertificering, een vergoeding verschuldigd. Deze vergoeding wordt vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van de KNSA en bij de aanvraag dient 50% van de totale vergoeding te worden betaald. Het resterende bedrag (50%) moet worden voldaan alvorens het certificaat wordt verstrekt.




1.3


Indien de schietsportvereniging aan de certificeringeisen voldoet, ontvangt het verenigingsbestuur daarvan een schriftelijke bevestiging.




1.4


Het programma van basiscertificering wordt door het Algemeen Bestuur vastgesteld en eventueel gewijzigd. Een wijziging in het programma is niet van invloed op de reeds gecertificeerde schietsportverenigingen voor de resterende looptijd van de geldigheid van de basiscertificering.

 

Artikel 2  Procedure van certificering

2.1
 
 
Een door het Algemeen Bestuur benoemde basiscertificerings-auditor toetst of een schietsportvereniging voldoet aan de certificeringeisen.




2.2


Deze auditor bezoekt daartoe de desbetreffende schietsportvereniging en maakt daarvoor een afspraak met het verenigingsbestuur.




2.3


Na de verrichte audit brengt de auditor daarover rapportage uit aan het Dagelijks Bestuur en de directie van de KNSA.




2.4


Het Dagelijks Bestuur van de KNSA besluit omtrent het wel of niet voldoen aan de certificeringeisen door een schietsportvereniging.




2.5


Wanneer de schietsportvereniging voldoet aan de certificeringeisen wordt zij daarover schriftelijk geïnformeerd.




2.6


Indien de schietsportvereniging niet voldoet, ontvangt het verenigingsbestuur daarover bericht en kan het verenigingsbestuur een verzoek indienen voor een tweede audit door de auditor.

2.7


Indien de schietsportvereniging bij een tweede audit wederom niet voldoet, ontvangt de vereniging daarover bericht en kan de vereniging nogmaals een verzoek om een nieuwe audit doen. Voor een derde audit wordt door het bestuur van de KNSA een vergoeding in rekening gebracht.




2.8


De schietsportvereniging die voldoet aan de certificeringeisen uit het Programma KNSA-basiscertificering heeft een meldingsplicht wanneer zich in het verband van de vereniging wijzigingen voordoen in de omstandigheden ten aanzien waarvan de certificering is afgegeven.




2.9


De geldigheid van de KNSA-basiscertificering bedraagt maximaal vier (4) jaar vanaf het moment waarop de schietsportvereniging door het KNSA-bestuur is gecertificeerd volgens het Programma KNSA-basiscertificering.




2.10


Voor niet-KNSA-leden geldt dat zij tijdens de geldigheidsduur van het certificaat in ieder geval één (1) keer per jaar worden gecontroleerd, teneinde te beoordelen of zij nog aan de voorwaarden voor certificering voldoen. Dit resulteert in minimaal drie (3) controle-audits tijdens de geldigheidsduur van het certificaat.




2.11


Wanneer het bestuur van de KNSA aanwijzingen heeft dat een vereniging niet meer voldoet aan één of meerder voorwaarden uit het Programma Basiscertificering, kan een tussentijdse audit plaatsvinden. De schietvereniging die beschikt over het certificaat, is verplicht om in dit geval een controle-audit toe te staan, bij gebreke waarvan het bestuur van de KNSA het certificaat kan intrekken.


Artikel 3  Geldigheid certificaat

3.1
 
 
Wanneer tijdens de geldigheidsduur van het certificaat blijkt dat de vereniging niet meer voldoet aan de certificeringseisen, kan het Dagelijks Bestuur het certificaat intrekken.




3.2


Wanneer tijdens de geldigheidsduur van het certificaat de vereniging het lidmaatschap bij de KNSA opzegt, wordt de desbetreffende vereniging in ieder geval één (1) keer per jaar tijdens de geldigheidsduur van het certificaat aan een controle-audit onderworpen. De desbetreffende vereniging is verplicht om aan die controle-audit medewerking te verlenen, bij gebreke waarvan het KNSA-bestuur het certificaat kan intrekken. Voor die controle-audits worden door het KNSA-bestuur kosten in rekening gebracht.




3.3


De geldigheid van het certificaat verstrijkt automatisch nadat de geldigheidsduur is verstreken. Het verenigingsbestuur dient zelf een nieuwe aanvraag voor verlenging van het certificaat in te dienen.